En als we nu eens echt naar de kiezer luisteren?
Na de verrassend grote overwinning van Geert Wilders in Nederland klinkt het weer dat beter naar de kiezer moet worden geluisterd. Het migratie-, economisch en sociaal beleid moet anders. Maar dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan. ‘Met radicaal-rechts besturen of het negeren? Voor het centrum is het kiezen tussen twee kwaden.’
Er is weer eens onvoldoende naar de kiezer geluisterd. Ook al kwam de verkiezingsnederlaag aan, Dilan Yesilgöz, de lijsttrekker van de liberale VVD van uittredend premier Mark Rutte, merkte het woensdagavond koel op na de eerste exitpoll. Die wees de Partij voor de Vrijheid (PVV) van de rechts-populist Geert Wilders verrassend als de grote winnaar van de Nederlandse Tweede Kamerverkiezingen aan. Dezelfde analyse weerklinkt telkens als radicaal-rechts verkiezingen wint. En dat gebeurt de jongste tijd steeds vaker.
De Nederlandse politicologe Sarah de Lange van de Universiteit van Amsterdam, een autoriteit op het vlak van extremisme en populisme, ziet vier redenen voor de winst van Wilders. Een: terwijl Wilders tien jaar geleden nog als gevaarlijk werd gezien, is hij vandaag genormaliseerd. De media hebben daarin volgens De Lange een kwalijke rol gespeeld. ‘Plots ging het over Geert ‘Milders’. Dat klinkt goed, maar het klopt niet, want zijn partijprogramma is helemaal niet milder. Wat hij over migratie en de islam voorstelt, is in strijd met de grondwet. Hij wil nog altijd een nexitreferendum over het verlaten van de Europese Unie.’
Plots ging het over Geert ‘Milders’. Dat klinkt goed, maar het klopt niet, want zijn partijprogramma is helemaal niet milder
Twee: Wilders is erin geslaagd de onvrede over het migratiebeleid te koppelen aan andere bezorgdheden van de kiezer, zoals de woningcrisis. Huur- en koopprijzen van woningen gingen in Nederland nog meer dan bij ons door het dak. ‘Wilders probeert de schuld daarvoor bij de migranten te leggen. Tot voor enkele jaren werd hij daarin tegengesproken. Vandaag hebben partijen zoals de VVD van Yesilgöz dat discours overgenomen’, zegt De Lange. ‘De VVD dacht daarmee te kunnen winnen, maar uiteindelijk stemmen mensen op het origineel, de PVV.’
Drie: de VVD heeft de deur voor Wilders verder opengezet door hem in tegenstelling tot de afgelopen tien jaar niet uit te sluiten als partner. Een nutteloze stem werd zo plots een nuttige stem. ‘Uit de laatste peiling bleek dat 60 procent van de kiezers nog onbeslist was. Veel van die mensen stemmen strategisch. Toen het plots leek te lonen voor Wilders te stemmen, kozen ze massaal voor hem.’
Vier: in zowat alle internationale lijstjes komt Nederland naar voren als een van de beste landen om te wonen, te werken en te ondernemen. Het armoederisico is bijna nergens in Europa lager. Toch heerst het gevoel van een land in verval. ‘De rol van het vorige kabinet daarin is bijzonder kwalijk’, zegt De Lange. ‘Het maakte voortdurend ruzie. Kiezers knappen daarop af. Ze verliezen hun geloof in het systeem en willen verandering. Populisten zoals Wilders, die beloven het helemaal anders te doen, of mensen die voor meer technocratie pleiten, zoals Pieter Omtzigt met zijn nieuwe partij Nieuw Sociaal Contract (NSC), scoren dan traditioneel goed.’
Extreemrechtse golf
Wilders steekt niet onder stoelen of banken dat hij premier wil worden. Voor Noordwest-Europa zou een rechts-radicale regeringsleider een naoorlogse primeur zijn, maar in Europa is het dat niet. In Italië is Giorgia Meloni, wier partij een post-fascistisch verleden heeft, al meer dan een jaar aan de macht. Oost-Europese leiders als de Hongaar Viktor Orbán en de Slovaak Robert Fico worden alom gezien als autoritair-rechtse leiders.
De opmars van extreemrechts is niet nieuw, leert een analyse van de verkiezingen van de afgelopen twintig jaar in twintig Europese landen. (zie grafiek) Maar in de meeste van die staten staan radicaal-rechtse partijen nu sterker dan ooit. Onderling zijn er verschillen, maar in essentie gaat het telkens om populistische en anti-establishmentpartijen, die negatief zijn over migratie en zich eurosceptisch opstellen.
Volgens de peilingen is de extreemrechtse AfD nu met 23 procent de tweede partij van Duitsland, in Frankrijk is Marine Le Pen de topfavoriet om in 2027 de volgende president van Frankrijk te worden en in eigen land lijkt het Vlaams Belang af te stevenen op een overwinning bij de verkiezingen in juni. Helemaal nieuw is dat niet. Het Vlaams Belang scoorde bij de Vlaamse verkiezingen van 2004 al eens 24 procent. Haar indirecte invloed op het beleid de afgelopen 30 jaar is moeilijk te onderschatten.
In juni vinden ook Europese verkiezingen plaats. De verwachting is dat het volgende Europees Parlement rechtser en populistischer zal zijn.
‘We weten dat ongeveer een kwart van de kiezers vatbaar is voor extreme partijen’, zegt Carl Devos, politicoloog aan de Universiteit Gent. ‘Hoe goed die extreme partijen scoren, hangt af van de omstandigheden. Hoe stellen andere partijen zich op? Hoe zit het met de economie? We hebben de voorbije twintig jaar best wat meegemaakt. De aanslagen van 11 september 2001, een financiële en een eurocrisis, een migratiecrisis, de pandemie, de oorlog in Oekraïne en de bijbehorende energiecrisis. Dat leidt tot grote onzekerheid. Het is bijna logisch dat kiezers dan vallen voor partijen die komen met eenvoudige oplossingen en met gemakkelijke zondebokken als migranten of de islam.’
Met 'vol is vol' roepen, zoals de voormalige Open VLD-voorzitter Egbert Lachaert onlangs deed, ga je geen kiezers winnen.
Als echt goed bestuurd zou worden, zou die onzekerheid niet tot veel extreme stemmen leiden. ‘Maar het probleem is dat we in België geen goed beleid hebben gehad’, zegt Devos. ‘Het migratiebeleid zit niet goed, sociaal-economisch is het land niet op orde en het politieke bestel staat door allerhande schandalen voortdurend onder druk.’ In Nederland zijn er gelijkaardige zorgen. Kiezersonderzoek door het peilingbureau Ipsos wees uit dat migratie, de zorg en de dure huur- en koopprijzen van woningen de drie thema’s waren die de verkiezingen domineerden. Daarnaast noemden kiezers armoede en economische onzekerheid, veiligheid en criminaliteit en Nederlandse normen en waarden als belangrijkste onderwerpen.
Lastige praktijk
Uit de bredere populistische golf in Europa zijn drie lessen te trekken. Kiezers zijn niet per se extreem, maar ze willen minder migratie, ze willen dat hun leven betaalbaar blijft en ze maken zich zorgen over wat maatschappelijke verloedering kan worden genoemd. Omdat politici daar naar hun mening te weinig aan doen, geven ze een signaal door massaal voor de extremen te stemmen.
Wat als politici nu echt eens luisteren naar de kiezer en die problemen echt aanpakken? ‘Met 'vol is vol' roepen, zoals de voormalige Open VLD-voorzitter Egbert Lachaert onlangs deed, ga je geen kiezers winnen. Je kunt de kiezer wel overtuigen als je met echte oplossingen voor die problematiek komt’, meent Devos.
Zolang Europa de controle over zijn grenzen niet herwint, zullen extreemrechtse partijen daar garen bij spinnen en komen extreme oplossingen dichterbij.
Zowat iedereen is het erover eens dat Europa de controle over zijn buitengrenzen moet herwinnen, zodat migranten niet langer ongecontroleerd binnen raken en naar het land van hun keuze kunnen reizen. Aan de oostgrenzen van de Unie worden daarom volop muren gebouwd, de zuidgrens is moeilijker te bewaken, omdat die in de Middellandse Zee ligt. Migranten op boten terugduwen is voor de meeste landen geen aanvaardbare optie, omdat het in strijd is met het Europees recht. De Commissie en de lidstaten willen daarom aan de buitengrenzen centra oprichten. Migranten moeten daar worden gescreend, rechthebbenden op asiel moeten onder de lidstaten worden verdeeld. Wie geen erkenning krijgt, moet direct worden uitgewezen.
Zeker dat laatste is in de praktijk lastig. Veel landen van oorsprong weigeren eigen burgers terug op te nemen. Met Turkije is een deal afgesproken dat het land in ruil voor geld migranten terugneemt, maar met andere landen blijkt het lastig zulke akkoorden af te sluiten. Dat moet ook Meloni tot haar grote frustratie vaststellen. Ze voerde campagne met een migratiestop, maar wordt geconfronteerd met recordaantallen migranten die met bootjes op de Italiaanse kusten stranden. Zolang Europa de controle over zijn grenzen niet herwint, zullen extreemrechtse partijen daar garen bij spinnen en komen extreme oplossingen dichterbij. Hoewel de economische kostprijs bijzonder hoog zou zijn, blijft Wilders dreigen met het afsluiten van de Nederlandse binnengrenzen.
Het dure leven
De tweede grote zorg van kiezers behelst de economie en het dure leven. ‘Nederland mag het in veel internationale lijstjes dan wel goed doen, de onderkant van de samenleving en een deel van de middenklasse hebben het gevoel dat ze niet meer rondkomen. De energieprijzen zijn gestegen, de zorgtoeslag gaat snel omhoog en woningen worden voor veel mensen onbetaalbaar. Mensen staan decennia op een wachtlijst voor een sociale huurwoning. Het gevolg is dat velen niet meer dagelijks rondkomen’, zegt De Lange. ‘De schrik voor dure klimaatmaatregelen komt daar bovenop. Dan wordt het aantrekkelijk om te stemmen voor iemand die dat allemaal onzin noemt.’
De analyse maken is alweer veel gemakkelijker dan met oplossingen komen, al zijn er specifiek voor Nederland wel een aantal quick wins. Zowel vakbonden als werkgeversorganisaties zijn het erover eens dat de flexibilisering van de arbeidsmarkt is doorgeslagen. Nog altijd bestaan er nulurencontracten, waarbij werknemers beschikbaar moeten zijn maar alleen betaald worden als ze worden opgeroepen. En ondanks de krappe arbeidsmarkt krijgen nog altijd veel Nederlanders geen vast contract, omdat het voor werkgevers gemakkelijk is het ene na het andere tijdelijke contract te geven.
Mensen voelen aan dat het land sociaal-economisch niet op orde staat en dat maakt hen bang. De paradox is dat die angst de politiek net verlamt om in te grijpen.
Een oplossing voor de hoge energieprijzen, de dure zorg en de krapte op de woningmarkt is moeilijker te vinden. Zeker als tegelijk ook nog eens massaal moet worden geïnvesteerd in de klimaatomslag, waarvan Europees Commissaris voor Klimaat Wopke Hoekstra de afgelopen week in De Tijd toegaf dat die duurder zal uitvallen dan de meeste mensen denken. Zo maar overal extra geld tegenaan gooien is moeilijk, want de begrotingen van veel Europese landen zijn nu al met schulden beladen. ‘Mensen voelen aan dat het land sociaal-economisch niet op orde staat en dat maakt hen bang’, zegt Devos. ‘De paradox is dat die angst de politiek net verlamt om in te grijpen.’
De derde zorg is de maatschappelijke verloedering: de vrees voor criminaliteit, de vereenzaming in de steden en het gevoel van de inwoners op het platteland dat ze niet meetellen. Het is waar voormalig CD&V-voorzitter Joachim Coens vaak op wees: in dorpen trekken winkels weg, de kwaliteit van het openbaar vervoer gaat erop achteruit en er zijn geen bankautomaten meer te vinden. Populisten en rechtse politici proberen dat gevoel van maatschappelijke ontrafeling te beantwoorden met law-and-orderpeptalk, centrumpolitici, zoals de Duitse bondskanselier Olaf Scholz, voeren campagne met respect als slogan.
Dat respect komt er niet vanzelf. Het is in eerste instantie een opdracht voor lokale politici. In veel Vlaamse centrumsteden lukt dat: burgers worden betrokken bij nieuwe wijkinitiatieven, er worden projecten opgezet om mensen dichter bij elkaar te brengen en het openbaar vervoer is van behoorlijke kwaliteit. Op het platteland is dat veel moeilijker. Veel kleine gemeenten hebben niet de slagkracht voor gelijkaardige initiatieven. Gemeentefusies die schaalvergroting mogelijk moeten maken botsen op lokale politieke weerstand. De kloof tussen de grotere steden, waar centrumpartijen wel nog goed scoren, en de kleinere steden en het platteland, dat steeds extremer stemt, wordt zo alleen maar groter.
Niet napraten
‘Als je de extreme partijen wilt terugdringen, moet je ze niet napraten, zoals de jongste jaren te vaak is gebeurd. Zo geef je ze eigenlijk gelijk en maak je ze groter’, zegt Devos. Ze mee in het bad trekken om ze te laten mislukken, zoals de Nederlandse premier Mark Rutte tussen 2010 en 2012 deed door zijn kabinet door Wilders te laten gedogen, is evenmin een duurzame oplossing. De PVV belandde nadien in een lange dip, die duurde tot de verkiezingen van woensdag.
Als radicaal-rechtse partijen moeten besturen, kampen ze doorgaans met dezelfde problemen als de traditionele centrumpartijen. De meeste Europese landen kennen een systeem van evenredige vertegenwoordiging: zetels worden verdeeld volgens het stemmenaantal. Behalve als een partij meer dan de helft van de stemmen krijgt, is een coalitie nodig om te regeren. Dat betekent compromissen maken, waardoor de scherpe kantjes worden afgevijld. Doorgaans staat dan een andere populistische beweging op die met de winst gaat lopen. In Nederland was dat eerst Thierry Baudet met Forum voor Democratie, daarna Caroline van der Plas met de BoerBurgerBeweging.
De kans is groot dat migratie centraal zal staan in de campagne. Het Vlaams Belang begint zo in een uiterst comfortabele positie aan de kiesstrijd.
Als je extreemrechts echt wilt terugdringen, is het volgens Devos noodzaak de problemen nu aan te pakken. ‘Dat is niet gemakkelijk, maar dat mag geen beletsel vormen.’ Maar wie moet dat dan doen? Als extreemrechts zo goed scoort als vandaag, moet het dan mee in het bad? De vraag staat nu bovenaan op de politieke agenda in Nederland. Dat zal zo goed als zeker ook in België het geval zijn als het Vlaams Belang de verkiezingen wint.
In België lijken we het Nederlandse scenario te volgen. Regeringen blinken uit in ruziemaken en door de politieke versnippering is het moeilijk beleid te voeren. De kans is groot dat migratie centraal zal staan in de campagne. Het Vlaams Belang begint zo in een uiterst comfortabele positie aan de kiesstrijd. Voorlopig wil niemand besturen met de partij van Tom Van Grieken. De N-VA is dan wel tegen het cordon als concept en geregeld zijn er diffuse signalen over het Vlaams Belang, maar tot nog toe is de lijn dat de partij te radicaal is om mee te besturen.
Einde van het cordon?
Maar hoe groter extreemrechts wordt, hoe moeilijker het te negeren is. ‘Besturen met Wilders is lastig, want hij is nog altijd een radicaal die dingen wil die de grenzen overschrijden van wat een liberale democratie kan toelaten', zegt De Lange. ‘Tegelijk is iemand die zo duidelijk de verkiezingen wint uitsluiten ook een democratisch risico. Wilders’ kiezers dreigen dan nog negatiever te denken over de democratie, en dan kan het gevaarlijk worden. Voor het centrum is het kiezen tussen twee kwaden.’
Om premier te kunnen worden toont Wilders zich bereid een groot deel van zijn programma te laten vallen. Hij wil niets doen dat ingaat tegen de Nederlandse grondwet, wat betekent dat hij de meeste van zijn anti-islamstandpunten laat vallen. De verwachting is dat het Vlaams Belang in juni hetzelfde doet. ‘Net als Wilders wil Van Grieken geschiedenis schrijven. Beiden willen ze van hun zweeppartij een beleidspartij maken’, zegt Devos. ‘Ze zijn bereid daarvoor veel water bij de wijn te doen. Ik zie nu dat Van Grieken het heeft over minder migratie en hervormingen in de sociale zekerheid. Dat is niet extreem, dat wil bijna iedereen.’
In Italië bewijst Georgia Meloni dat het mogelijk is de overstap van een zweep- naar een beleidspartij te maken.
Als extreme partijen de verkiezingen winnen en vervolgens hun extreme standpunten laten vallen, is het volgens Devos moeilijk ze te blijven negeren. Het gesprek moet dan minstens worden aangegaan, wat nog niet betekent dat met hen moet worden bestuurd. ‘Ik snap dat niemand Van Grieken vertrouwt. Er zullen spijkerharde garanties moeten zijn dat hij zich aan de regels gaat houden. Als dat niet gebeurt, is zo’n regering geen lang leven beschoren.’
In Italië bewijst Meloni dat het mogelijk is de overstap van een zweep- naar een beleidspartij te maken. De extreme standpunten gingen grotendeels overboord. Ze schoof op naar centrumrechts en hoopt dat haar Broeders van Italië zo voor lange tijd de dominante speler op rechts kunnen worden. Meer dan een jaar na haar aantreden staat de partij stabiel op 30 procent. Maar wie Donald Trump of Viktor Orbán, die de democratie stelselmatig proberen af te bouwen, bezig ziet, beseft dat aan zo’n experiment ook een groot risico verbonden is.
Meest gelezen
- 1 Verkoop e-auto's trekt aan, Tesla halveert in Europa
- 2 ‘Van 0 naar 1939 in 3 seconden’: affiches dopen Tesla om tot ‘Swasticar’
- 3 Musk botst op weerstand bij Amerikaanse ambtenaren
- 4 De Wever saneert dit jaar hooguit de helft van wat Europa vraagt
- 5 Jarenlange rechterhand van De Wever maakt comeback in Antwerpse politiek