Hoeveel uren telt de ideale werkdag?
Volgens PS-voorzitter Paul Magnette kunnen we gerust minder dan 38 uur per week werken. Politiek werd zijn verkiezingsvoorstel afgeschoten, maar heeft hij een punt? 'Kenniswerkers hebben gemiddeld een vijftal goede uren per dag in zich.'
Politiek dynamiet bleek het, toen de PS deze week met het hoofdthema van haar verkiezingscampagne op de proppen kwam. Voorzitter Paul Magnette pleit voor een, weliswaar geleidelijke, overgang naar een werkweek van 32 uur, zonder loonverlies. ‘We weten dat alle grote veldslagen tijd in beslag hebben genomen. Maar we kunnen en moeten de komende jaren grote stappen in die richting zetten’, zei hij bij de aftrap naar de verkiezingen van 9 juni.
Het duurde geen halve dag of de ballon - die de PS vijf jaar geleden ook al eens had opgelaten met een resolutie in de Kamer - werd door de (centrum)rechtse partijen aan deze kant van de taalgrens uit de lucht geschoten. De kernwoorden waren 'oneerlijk', 'onbetaalbaar' en 'onrealistisch'. Ook arbeidsmarktexperts lieten snel uitschijnen dat het een wensdroom is te opperen dat we collectief minder kunnen werken zonder daar een prijs voor te betalen.
Los van de politieke discussie en de electorale hoogspanning leven we hoe dan ook al langer in een tijd waarin volop wordt nagedacht over manieren om ons werk zo te organiseren dat meer tijd overblijft voor de andere dingen des levens. Vaststaande ideeën daarover worden losgewrikt, onder meer onder invloed van burn-outs en pandemieën. Na corona werd thuiswerk in veel beroepen normaal, de aanwezigheid op kantoor iets deeltijds.
Lummelen aan koffieapparaat
In het experimenteren met meer flexibiliteit wordt ons land in de internationale pers genoemd als een van de pioniers. Sinds eind 2022 kan je in België een werkweek van vier dagen aanvragen. Dat zijn dan wel vier langere dagen, met evenveel werkuren als de reguliere vijf dagen samen. Een jaar na de invoering werd de formule vooralsnog lauw onthaald. Uit de eerste evaluaties kwam een gemengd beeld naar voren: heel veel flexibiliteit levert het niet op en de vier langere dagen zouden voor veel werknemers net tot meer overbelasting leiden.
Sommige organisaties testen een reductie van het aantal uren uit. Het bekendste voorbeeld bij ons is Femma, de vzw die ijvert voor vrouwenrechten en die in 2019 de werkweek inkortte van 36 naar 30 uur. In Zweden zette de overheid in 2015 een experiment op waarbij verpleegkundigen in een woonzorgcentrum nog maar zes in plaats van acht uur per dag moesten werken. In beide gevallen bleek het effect op het welzijn van het personeel onmiskenbaar, maar waren wel extra (prijzige) aanwervingen nodig om alle taken te kunnen blijven bolwerken.
Ook na een grootschalige Britse test met meer dan 60 bedrijven die in 2022 besloten hun personeel een dag minder te laten werken, bleek 82 procent van de werknemers zich beter in zijn vel te voelen. Dat staat in een evaluatierapport dat deze week verscheen. Maar de resultaten zijn volgens experts te gemengd om er breed toepasbare conclusies uit te trekken.
Het ging om een selectie van kleine bedrijven - voornamelijk met minder dan 50 werknemers - en de output goed meten en vergelijken is niet evident. Sommigen rapporteerden dat hun mensen eerst efficiënter werden, maar meldden dan een verminderend effect. Anderen betreurden net dat er minder tijd was om te lummelen aan het koffieapparaat.
Het experiment van Ford
Dat minder werken beter is voor de balans met het leven daarbuiten, is evident. Tenzij misschien voor mensen die vluchten in de werkdrukte, omdat ze daar gelukkiger zijn. Maar alle trial-and-error en de grote verschillen tussen jobs ten spijt doen zulke oefeningen wel de vraag rijzen of er zoiets bestaat als een ideale formule om zo productief mogelijk te zijn en tegelijk niet te veel te werken.
De kiem voor het antwoord daarop ligt onder anderen bij Henry Ford. Hij was niet alleen de architect van de moderne automobielindustrie, hij had ook een enorme impact op de dagindeling van vele generaties arbeiders. In de 19de eeuw waren werkweken van zes dagen en 60 tot zelfs 90 uur nog de norm in de fabrieken, maar in 1926 voerde de oprichter van de gelijknamige autoproducent een nieuwe standaard in. Arbeiders zouden nog acht uur per dag en vijf dagen per week werken. Ford kreeg aanvankelijk tegenwind van de sector, maar andere grote industriebedrijven zouden snel volgen. Tegen eind jaren dertig werd de veertigurenweek wet in Amerika.
De ingreep van Ford had minder te maken met bezorgdheid over het welzijn van zijn mensen dan met pure business, zegt Kathleen Vangronsvelt, professor organisatiepsychologie bij de Antwerp Management School. Uit intern onderzoek bij Ford was gebleken dat het geen zin heeft mensen langer aan de band te laten staan. In dat geval nam hun productiviteit en efficiëntie in die mate af dat het verlies van tijd en geld is. Dat werknemers, die ook meer gingen verdienen, daardoor geld én tijd hadden om hun Model T te kopen en te gebruiken, bleek mooi meegenomen.
Geen productiviteitsgarantie
Sindsdien heeft research herhaaldelijk bevestigd dat het economisch geen steek houdt om meer uren uit mensen te persen, zegt Vangronsvelt. Bij vermoeide en gestreste werknemers verhoogt bovendien de kans op fouten en ongevallen. Wat ook opvalt, is dat extra uren werk niet garant staan voor evenveel extra productiviteit. Uit een Amerikaanse studie uit de jaren tachtig bleek dat 50 procent meer werk - een week van 60 in plaats van 40 uur - niet resulteert in 50 procent meer output. Het is eerder 25 à 30 procent.
Bij kenniswerkers - hoe divers die groep ook is - tekent zich ook een grens af. Gemiddeld hebben mensen met dergelijke jobs een vijftal goede uren per dag in zich, zegt de research. Dat is zowat het maximum van wat ons concentratievermogen aankan, en dat is een goede indicator voor productiviteit. ‘De rest gaat naar administratie of informeel contact met collega’s, wat natuurlijk niet zinloos is’, zegt Vangronsvelt. Ook hier blijkt dat structureel overwerk zinloos is, hoe moeilijk dat in sommige culturen, zoals in Silicon Valley of in Wall Street, uit te roeien is. Een onderzoek van de universiteit van Boston toonde aan dat consultants die 80 uur per week werkten niet meer bereikten dan zij die dat niet deden. Hun managers merkten geen verschil.
Uitzonderlijk kunnen die grenzen worden overschreden, maar dan kortstondig, bijvoorbeeld om een deadline te halen of een project rond te krijgen. Maar dat wreekt zich dan weer de weken erna. ‘Op de langere termijn tast het de gezondheid en de productiviteit aan.’
De steeds maar stijgende cijfers van mentaal onwelzijn en burn-out tonen dat onze huidige werkorganisatie duidelijk niet voor iedereen werkt. Dus waarom niet nog meer experimenteren?
De theorie omzetten in de praktijk blijft een harde noot. In Amerika kreeg het voorbeeld van Tower Paddle Boards, een producent van surfplanken, veel aandacht.
Dat bedrijf van amper een tiental werknemers installeerde in 2015 een werkdag van 8 tot 13 uur maar eiste wel extreme efficiëntie. Op de korte termijn schoot de omzet omhoog. Maar op de langere termijn ‘ging de bedrijfscultuur kapot’, getuigde CEO Stephan Aarstol enkele jaren later. Hij veranderde van strategie en maakte van de korte werkdag een beloning in plaats van de norm, in de kalmste periode van het jaar, als de doelstellingen waren gehaald.
De econoom John Maynard Keynes voorspelde een eeuw geleden dat we door technologische vooruitgang tegen 2030 nog maar 15 uur per week zouden werken. Die deadline gaan we niet halen. 'Maar toch’, zegt Vangronsvelt. ‘De steeds maar stijgende cijfers van mentaal onwelzijn en burn-out tonen dat onze huidige werkorganisatie duidelijk niet voor iedereen werkt. Dus waarom niet nog meer experimenteren?’
Meest gelezen
- 1 Brouwerij Huyghe is Trump te slim af en bespaart bom geld op importtarieven
- 2 Nieuw laadtarief kan bestuurder elektrische bedrijfswagen tientallen euro’s per maand kosten
- 3 De must-reads van het weekend
- 4 Musk op Italiaans congres: 'Hoop op vrijhandelszone met EU'
- 5 In Shanghai lachen de Chinezen met de domme zelfrijdende Tesla